Collectieve arbeidsverhoudingen

Onder het hoofdthema “Collectieve arbeidsverhoudngen” kunnen verschillende thema’s worden gebracht die vanuit interdisciplinaire invalshoeken kunnen worden bestudeerd.

De toekomstbestendigheid van de cao (inclusief het avv-instrument) vormt al jaren thema van discussie, waarbij zaken als representativiteit van vakbonden en het stelsel van binding aan cao’s en andere collectieve regelingen bijzondere aandacht hebben gekregen. Waarom kiezen werkgevers voor de cao, terwijl een klein percentage van het personeel lid is van een vakbond? Waarom zijn werknemers in het algemeen tevreden met het werk van vakbonden, maar worden zij geen lid? Hoe stellen vakbonden zich de laatste jaren op in het collectieve overleg, zowel op nationaal, sectoraal als ondernemingsniveau? Zijn de strategieën van sociale partners de laatste jaren veranderd en zo ja, op welke wijze?

Op nationaal niveau speelt de vraag of de klassieke vertegenwoordigers van werknemers en werkgevers in de Sociaal-Economische Raad en de Stichting van de Arbeid nog wel voldoende representatief zijn om de belangen van alle belanghebbenden te (kunnen) vertegenwoordigen. 

Arbeidsvoorwaardenvorming op het niveau van de onderneming, in het bijzonder de variant waarbij de ondernemingsraad is betrokken, kent allerhande maatschappelijke en juridische voetangels en klemmen. Niettemin lijken bedrijven deze optie soms te verkiezen boven onderhandelingen met een vakbond. De vraag is waarom dat zo is. Ook het stakingsrecht, als afgeleide van de collectieve arbeidsvoorwaardenvorming, past binnen dit zwaartepunt.

Gepubliceerd door  Hugo Sinzheimer Instituut

4 juli 2018